zaterdag 27 juli 2013

Op naar lome tijden


In de kelder van de Machinekamer op de Eindhovense culturele hotspot Strijp S hieven enkele klanten een glaasje rosé met Emily Hermans. De vrouw achter het modemerk MLY had een beperkt aantal relaties uitgenodigd voor een Pre-Sale van haar zomercollectie. Pratend over het karakter van haar ontwerpen zei Emily dat ze streefde naar slow fashion: mode die niet meedoet aan rages en daarom niet snel gedateerd raakt.

Slow fashion. Niet erg thuis in de mode kende ik het begrip niet, maar het intrigeerde me meteen. Het sloot natuurlijk aan op slow food, slow design, slow architecture en slow politics, allemaal varianten op een bescheiden protestbeweging tegen de haast van de samenleving. De moderne tijd is zo gefascineerd door tempo, dat versnelling een doel in zich is geworden en het wezen van de dingen verdwijnt in het opdwarrelende stof.

In de fast world is consumptie een sleutelwoord. Als we een behoefte voelen opkomen, moet die zo snel mogelijk worden bevredigd. Dat wordt het beste zichtbaar in de snackcultuur, die winkelstraten en centra van openbaar vervoer elk uur van de dag vult met etende en drinkende mensen: één grote spot over het uitdijende verschijnsel obesitas. Een ander sleutelbegrip is kunstmatige veroudering. Door onze aankoop van gisteren morgen weer voor passé te verklaren, krijgen we behoefte aan nieuwe vormen van bevrediging. Dat ritme van de mode krijgt zelfs vat op de wereld van de bouw, waar nog tamelijk jonge en bruikbare woningen en kantoren ten prooi vallen aan verloedering, leegstand en sloop omdat ze uit de tijd heten te zijn.

Het inzicht groeit dat de economie meer in het teken van duurzaamheid moet komen te staan, willen we onze grondstoffen niet uitputten en het milieu niet overbelasten. Behalve zo’n ecologische overweging geldt ook een cultureel aspect in de kritiek op de fast world. Het steeds verder opvoeren van de consumptie zorgt ervoor dat het nieuwe steeds sneller verveelt, zodat zich een basale onbevredigdheid over het hier en nu dreigt te ontwikkelen, een breed chagrijn over iedereen en alles, zoals dat al flink opborrelt in de nieuwe sociale media en dat de samenleving er niet aangenamer op maakt.

Liever dus een kalm croissantje, een rustig rokje, een onthaast ontwerp, aandachtige architectuur, bedachtzame politiek. We hoeven nog niet bang te zijn voor sloomheid als we ons wat meer loomheid veroorloven. Het is een keus tussen buiten adem raken en op adem komen. Als deskundige op dat laatste punt vind ik de keus niet moeilijk.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen