dinsdag 3 november 2015

Bijwerking: verdriet

Ik wou het hebben over verdriet. Het lijkt geen moeilijk onderwerp, want iedereen kan erover meepraten, kinderen en grijsaards, sloebers en miljardairs, artiesten en metaalbewerkers, hoeren en hun klanten. Iedereen. Behalve ik. Dat wil zeggen: ik kan er wel over meepraten, maar erover schrijven vind ik lastig. Verwoord verdriet wordt gauw larmoyant, zoals de traan op het doek van de zondagsschilder. De grens tussen sentiment en kitsch is maar dun en gemakkelijk te overschrijden.

Neemt niet weg dat het wèl een intrigerend onderwerp is, verdriet. Omdat het zoveel overhoop haalt. Het is een soort pijn die van onder de oppervlakte komt, daar waar de ziel woont, dat complex van verlangens en ervaringen waaruit een persoon bestaat. Verdriet is geen schaafwond, maar een snee; daar helpt geen pleister meer, maar is serieuze zorg vereist.

Verdriet is ook een courante bijwerking van sommige chronische ziektes. Met mijn lastige longen en bloedvaten heb ik daar ook weet van. Voor wie een slepende kwaal oploopt, slinken de mogelijkheden en nemen de beperkingen toe: een gevoel van verlies dat soms droef stemt. Meestal heb ik niet veel geduld met de treurder in me en wijs ik mezelf erop dat er een dag te plukken valt, maar af en toe luister ik toch maar eens naar die blues van me en dan herken ik elke noot.

Want ook al wil ik het eigenlijk niet weten, het is wel degelijk spijtig dat ik te weinig lucht heb om te dansen, te zingen, de schommel van een kind aan te duwen, een eind te wandelen. Het lukt niet altijd, die spijt te verbijten. Dan welt er een doffe donkerte in me op, een leegte die toch zwaar aanvoelt, een klomp lood die op mijn gemoed drukt en zich niet laat negeren. Ik verzet me maar niet en laat het toe want het hoort erbij, het is deel van mijn leven, niet meer kunnen wat ik wil en willen wat ik niet meer kan.


Dat herfsten is mijn hoofd houdt nooit lang aan en maakt snel genoeg weer plaats voor de gedempte opgewektheid die me doorgaans vergezelt. Het lucht kennelijk op als je het verdriet even toelaat, misschien wel omdat je jezelf dan serieus neemt, inclusief je zorgen en zwaktes. Bonjour tristesse, zou ik Françoise Sagan bijna nazeggen. Probeer ik over verdriet te schrijven, dreigt het toch weer peptalk te worden.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen