vrijdag 29 januari 2016

De onzin van de waanzin

Jezelf ergeren is zonde van je tijd, ik weet het, maar ik moet ‘t toch even over een ergernis hebben, misschien dat ik het dan kwijt raak. Het is maar een kleintje, ik ga er niet van schuimbekken, hooguit bedenkelijk kijken, maar hardnekkig is-ie wel. Ik bedoel dat alles maar waanzin heet, tegenwoordig.

Dan gaat het dus niet over de akelige psychiatrische stoornis die gepaard gaat met ingebeelde stemmen, schijnvoorstellingen, angsten en diepe verwardheid. Nee, dat ene vioolconcert, die voetbaltopper en dat nieuwe eettentje waren pure waanzin! De laatste creaties van couturier X, de eerste asperges, een voorjaarsdag in de winter: waanzin! Hoeveel de schrijver produceert, hoe goed de deejay is, hoe hard de tennisser smasht: waanzin!

Als het je eenmaal opvalt, is er geen houden meer aan. In Wanroij hebben ze het jaarlijkse dorpsfeest Waanzinnig Wanroij gedoopt. Op de Wadden vieren ze Waanzinnig Texel. In Delft levert reclamebureau Waanzinnig ‘communicatie waar deze tijd om vraagt’.Bij Waanzinnig Tilburg kun je verantwoord eten in mensvriendelijk verband. Een bekende kindermusical heet Waanzinnig gedroomd, een populair-wetenschappelijke kinderboekenreeks Waanzinnig om te weten. Centerparcs kent een Waanzinnige woensdag. De aanstaande Nacht van de Vluchteling wordt volgens de organisatie een ‘spectaculair evenement met waanzinnige artiesten’.

Het schijnt een typisch Nederlandse gewoonte te zijn om je uit te drukken in termen van ziektes. Dat valt vooral op bij verwensingen als ‘krijg de kolère’ of ‘tyfuslijder’ en emotionele uitroepen als ‘de pest in hebben’. Opmerkelijk is dat hierbij maar een beperkt aantal zware aandoeningen in zwang is. We schelden bijvoorbeeld op pokkenbuitenlanders en niet op poliomarokkaantjes; we schrikken ons de pleuris of een rolberoerte, maar niet een emfyseem of HIV. Een geestesziekte als waanzin lijkt dan weer wél geschikt om onze woorden een zekere heftigheid mee te geven.

Als termen in de mode komen, willen ze nogal eens los raken van hun oorspronkelijke betekenis, en dat geldt zeker voor waanzin. Daarbij valt op dat waanzinnig aanvankelijk als een versterkend adjectief gold, maar nu vaker zelfstandig wordt gebruikt. Iets is niet meer waanzinnig goed of mooi, maar kortweg waanzinnig of, nog korter, wáánzin! Wat zoveel wil zeggen als: buitengewoon, met pauken en klaroenen.

Maar omdat het om een modewoord gaat, treedt er ook al snel inflatie op. Een ernstige geestesziekte wordt gereduceerd tot iets buitengewoons, en inflateert zodra de link met de psychiatrie vergeten is, verder tot iets grappigs en kleurrijks, een etiket dat je ook op kinderpartijtjes en braderieën kunt plakken: laten we eens gek doen met z’n allen, té gek, prettig gestoord, hop faldera!

Ik zou zeggen: laat de liefhebbers van de gezellige waanzin zich eens vijf minuten inlezen in de echte variant.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen