woensdag 9 oktober 2013

Ben ik soms in de overgang?


Het lijkt wel of ik in de overgang ben. Als man en zestiger is dat niet heel waarschijnlijk, maar de overgang is wel het thema van deze week.

Het begon met een Afrikaanse kunstbeurs in het Máxima Medisch Centrum, waarvan de opbrengst ten goede komt van Madamfo, een stichting die medische, sociale en educatieve projecten in Ghana uitvoert. We vielen voor een klein, krachtig beeldje uit Ivoorkust, een zogeheten paspoortmaskertje. Zulke beeldjes zijn miniatuurversies van grote maskers die spirituele voorgangers gebruiken om te transcenderen van de wereld van de mensen naar die van de geesten. De maskers vervullen ook een rol bij initiatierituelen. Attributen dus van de overgang.

Een dag met een rollator op stap beleefde ik ook als een overgang. We wilden met het kleinkind naar de dierentuin, voorzagen dat mijn lastige longen zouden protesteren tegen zo’n lange tocht langs stokstaartjes, wolven, bevers en olifanten en namen daarom op de proef een rollator. Proef geslaagd, want op die manier bleek het parcours goed te doen. Terwijl ik daar gisteren zo rondscharrelde, kreeg ik het idee dat de rollator een overgang vormde tussen de vanzelfsprekende vitaliteit van ooit en het minder vanzelfsprekende leven van nu en straks. Zeg maar: van rock ‘n’ roll naar sjok & rol.

En vandaag komt een verpleegkundige me een dure spuit geven. Dertig gram leuproreline-acetaat, een hormoongoedje tegen prostaatkanker. Het blokkeert de aanmaak van testosteron, waar prostaatkanker zich mee voedt, en legt zo de tumorvorming stil. Maar zonder testosteron raak je in een soort mannelijke overgang. Je krijgt opvliegers, verliest lichaamsbeharing, wordt molliger en krijgt stemmingswisselingen. Pechvogels worden er zelfs totaal lusteloos en/of depressief van.

De eerste injectie, november 2011, vond ik de akeligste van mijn leven. Ik was bang dat de spuit me ging veranderen in een halfzacht watje, een snottergrage eunuch uit een naar sprookje waar nooit meer de zon scheen. Maar de zon bleef schijnen, de lust verkleurde wel maar verdween niet en de verwatting viel, geloof ik, mee. Wél hield de kanker zich stil en daar was het om te doen. Liefst dat die overgang nou ‘s mooi nooit meer overging.


zondag 6 oktober 2013

S. Carmiggelt en de antiheld


Morgen, 7 oktober 2013, zou hij honderd geworden zijn: S. Carmiggelt, stukjesschrijver. Goede aanleiding om postuum mijn hoed voor hem af te nemen.

Zijn laatste cursiefjes dateren alweer van dertig jaar geleden en sindsdien heb ik hem weinig herlezen, maar nu hij wegens die denkbeeldige eeuwdag weer even in het nieuws is, blader ik nog eens door zijn Kronkels en geniet van zijn formuleringen. ‘In het glazen oventje van het buffet lagen twee saucijzenbroodjes zwetend te sterven.’ ‘De communistische penningmeester bleek ’s avonds neer te komen op een gepensioneerde onderwijzer, die nog slechts één levensideaal koesterde: met zijn vrouw de VARA-studio te mogen bezichtigen.’

Ik zat goed drie jaar in het vak toen ik hem mocht interviewen naar aanleiding van zijn 65ste verjaardag. Ik herinner me hoe hij een smakelijke anekdote afsloot met een lach die zijn schouders liet schokken en hoe die uitbundige lach me verbaasde. Als Simon Carmiggelt de VARA-avond afsloot met een Kronkel, keek hij altijd naar de camera met zo’n droeve hondenblik, dat ik hem voor een echte melancholicus hield, bij wie er niet meer dan een glimlach in zat. Dat dachten mensen wel vaker, reageerde hij. “Maar het is geen treurnis wat men ziet, maar mijn gezicht in ruste.”

Nee, treurnis stralen zijn stukjes ook niet uit, eerder een lichte weemoed, een gerijpt inzicht in het betrekkelijke en het vergeefse en het gedoe van de mens. ‘Meneer Geurt is bij de bank. Hij doet al jaren iets heel stils in een hoekje.’ Of: ‘Te Brussel zat ik in een lang, zakelijk café dat geheel gevuld was met textielhandelaren, die minachtend aan elkaars lapjes voelden.’

Met stille genegenheid zet Carmiggelt de underdog in de schijnwerper, de antiheld, niet toevallig vaak Vaalders of Van Balen geheten. Godfried Bomans verwoordde dat eens eloquent: ‘Carmiggelt heeft de mythe van de weemoedige flapdrol geschapen, de jongen die het niet gehaald heeft, maar op de ruïne van zijn leven nog wat herfstbloemen kweekt, kortom de eigenaardige geslaagdheid van de sociaal mislukte.’

Iets van die antiheld is ook aan Carmiggelt blijven plakken. Op schrijversinfo.nl, een site van een literatuurliefhebber, lees ik dat het dorpje De Steeg, waar Carmiggelt graag vakanties doorbracht, hem herdenkt met een beeld en een straatnaam. Het beeld gaat grotendeels schuil achter een heg en de Simon Carmiggelthof is een smal, stil straatje dat bovendien doodloopt. Ik heb een vermoeden welke blik beeld en hofje hem zouden hebben ontlokt.

woensdag 2 oktober 2013

Urbanlotus en de waarzeggers


Ik weet het, je moet oppassen met de knipperende advertenties op internetpagina’s, voordat je er erg in hebt is je startpagina of zoekmachine veranderd of word je de rest van je leven gebombardeerd met reclames voor Turkse hotels met zeven zwembaden, ik weet het, en ik pas meestal ook op – maar soms niet dus. 

Hoe ik vandaag op de site Urbanlotus terechtkwam, geen idee, maar ineens had ik mijn ‘daghoroscoop’ voor mijn neus. Wat een feest! Ik wreef mijn ogen uit bij wat ik las: “Je weet vandaag met één snelle schijnbeweging al je tegenstanders op het verkeerde been te zetten en gaat er vervolgens met de buit vandoor. Trek je niets aan van die protesten!”

Al mijn tegenstanders... Ik probeerde ze me voor de geest te halen, die talloze vijanden van me, maar dat wilde niet zo vlotten. Niettemin vond ik het wel een lekker idee dat ik die hele horde met één virtuoze truc te slim af was en er ook nog eens met de buit vandoor ging. Wat zou dat voor een buit zijn? Een jute zak vol glanzende juwelen? De mooiste meid van Brabant? Allicht dat mijn vijanden dan moord en brand schreeuwden. Maar mooi dat ik me daar niks van aantrok.

Gebiologeerd las ik de rest van het tekstje. “Je zult versteld staan van wat je allemaal overkomt. Laat je vandaag gewoonweg verbazen door alles wat er op je pad komt. Lekker, eens zo’n verrassende dag!” Nou was de dag al een heel eind op gang zonder dat er veel verrassends was voorgevallen, maar alla, dat lag kennelijk allemaal nog in het verschiet. Hoewel – bij nader inzien was dit toch maar een slappe voorspelling. Je raadpleegt een sterrenwichelaar om te weten wat er gaat gebeuren en niet om te horen dat er verrassingen op komst zijn. Wát voor verrassingen dan? Een beetje horoscoop sluit verrassingen juist uit.

Ik kon ook nog doorklikken naar de ‘gratis weekhoroscoop’. Die bleek naar paragnostenlive.nl te leiden, een site waar allerlei helderzienden hun telefonische diensten aanboden vanaf 90 eurocent per minuut, wat me nu ook weer niet helemaal gratis leek. Zoals Miranda, naar eigen zeggen paragnoste, medium vanaf haar geboorte en tevens life coach. “Ik gebruik ook de Lenormandkaarten, Engelenkaarten, Zigeunerkaarten, Aartsengel Orakelkaarten, Het Orakel van de Liefde en de Pendel. Ik ben een zeer sterk medium en al ruim 28 jaar gespecialiseerd in liefde en relaties in het algemeen op nationaal en internationaal niveau. Het heeft geen geheim voor mij.”


Zo stond ik toch eventjes versteld van wat er vandaag op mijn pad was gekomen.

Foto: Flickr, Raquel Van Nice