zondag 23 juli 2017

Ineens is het overmorgen

Dat was nog niet zo’n slecht idee: het Longfonds een recent stukje sturen over hoe ik als zuurstofgebruiker ‘uit de kast kwam’. Daar zullen onze leden zich in herkennen, reageerde het fonds, en of ze het op hun Facebookpagina mochten plaatsen. Dat mocht, en de herkenning was massaal. Het stukje kreeg binnen de kortste keren duizenden clicks en honderden reacties, variĆ«rend van duimpjes en hartjes tot emotionele ontboezemingen.
Een gedeelde ervaring kan steun bieden. Dat had ik al eens ondervonden tijdens bijeenkomsten van lotgenoten die ervaringen en tips uitwisselden; het bleek ook nu ik deelde hoe lastig ik het vond, me in het openbaar te vertonen met een zuurstofslangetje in de neus. Het troost als je merkt dat je niet alleen staat met jouw probleem. En het helpt als iemand met dezelfde makke vertelt hoe hij daarmee omgaat, zowel in praktische als in mentale zin.
Voornoemd stukje mondde uit in een aarzelende conclusie. Ik zag wel in dat ik bij inspanning beter naar het slangetje kon grijpen, maar deinsde er ook voor terug. Op een dag zou ik er wel aan beginnen, ooit, ‘overmorgen misschien.’ Dat was onbedoeld profetisch. Want kort nadat ik de blog publiceerde, kreeg ik een flinke longaanval. Plus het advies van de specialist om voortaan dagelijks zuurstof te gaan gebruiken. Het was ineens ‘overmorgen’ geworden.
En dus zit ik nu me met slangetje te typen, deed ik onlang met slangetje een muziekfestijn aan en ga ik morgen met slangetje op bezoek bij vrienden. Als iemand vraagt wat het me doet, zeg ik schouderophalend: “Het is niet anders,” of: “Jammer, maar het is wel beter.”Dat klinkt iets opgewekter dan ik me voel, want in feite is die hele zuurstofmikmak natuurlijk een nieuwe stap naar de grote duisternis.
Maar dat na andere hulpmiddelen nu ook de zuurstof zijn entree heeft gemaakt, stemt me toch minder donker dan ik gedacht had. Ik herinner me dat ik voor het eerst in een longrevalidatiekliniek kwam en daar mismoedig werd van al die rollators, scootmobielen en zuurstofflessen. Was dat mijn voorland? Inmiddels heb ik dat land bereikt en vind ik toch minder onherbergzaam dan ik vermoedde. Het is lastig, onrustig en onveilig, en de TomTom werkt er niet, maar er valt te leven, niet tegen de klippen op, wel tussen de klippen door. Boeiend, maar vermoeiend. En andersom.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen