donderdag 26 juni 2014

Fijn aan de zuurstof


Er moet voor alles een eerste keer zijn. Zo ging ik vandaag voor het eerst met een zuurstoftankje op de heup en een slangetje in mijn neus de straat op. En of ik het nou geloofde of niet, de wereld draaide gewoon door.

Als een filmregisseur een personage wil opvoeren dat op sterven na dood is, komt er een iel, oud baasje in beeld, gehuld in een kamerjas, het dunne haar in de war, de stem gebroken en in de neus een zuurstofslang, het laatste lijntje dat hem nog met het leven verbindt. Het is duidelijk: zo dadelijk is het met hem gedaan, hij leeft nog in reservetijd, met geleende adem. – Met zo’n slangetje ben ik nu dus ook toegerust.

Hoe dat komt? Een recente ziekenhuisopname heeft mijn conditie nogal ondermijnd. Omdat ik lastige longen heb, gaat het herstel moeizaam. Extra zuurstof helpt de luchtwegen, zodat ik sneller terugkeer op het oude peil, zeggen de medici. Dan zie ik er wel (tijdelijk) uit als de sneue acteur uit de vorige alinea, maar het is voor de goede zaak, moet ik maar denken.

Dus ik de straat op met neusbril en tankje lucht. Onwillekeurig scan ik voorbijgangers op hun blikken. Schrikken ze nu ze de aangekondigde dood zien passeren, spreekt er medelijden uit hun ogen, wijzen ze me giechelend na? Dat valt tegen, of mee, want voor zover mensen me al waarnemen, kijken ze neutraal en zeggen hun blikken hooguit: o, die man heeft kennelijk zuurstof nodig. Het is de klassieke vergissing van wie zich afvraagt wat de mensen van hem zullen denken: ‘de mensen’ hebben wel wat anders aan hun hoofd dan jouw verschijning.

Dat besef montert enigszins op. En als ik dan thuiskom en nog wat google inzake zuurstof, klaart de lucht helemaal op. Want wat blijkt? Zuurstof is ontzettend trendy! Allerlei bedrijven verhuren zuurstofdesignbars voor al uw feestjes en evenementen en her en der bestaan zuurstoflounges voor na een drukke dag op kantoor, tegen een kater of gewoon voor je wellness. Neem een verfrissend shotje bijna pure zuurstof en je zuivert je bewustwording, verhoogt je concentratievermogen, brengt je lichaam weer in balans en voelt je herboren, juichen de verkopers.


Ik moet dus anders over dat neusbrilletje van me gaan denken. Het is eigenlijk net zo hip als Google Glass. Alleen: daar voel ik ook al niks voor.

Foto: Flickr (Farrukkh)

vrijdag 20 juni 2014

Terug van dood geweest


Wat een mens toch allemaal kan meemaken… Nou ben ik zomaar een poosje dood geweest.

Gisteravond stond het ineens op Twitter, ik was perplex toen ik het las:
‘In #rouw over overlijden #MattDings. 5 jr. collega-verslaggever bij #DeTijd. Romanticus. Verfijnd #schrijver. Veel te jong!’

De tweet kwam van een bekende uit een ver verleden, Nan Luursema, een tijd lang mederedacteur van weekblad De Tijd. Enkele maanden geleden had ze me al eens laten weten dat ze me gevonden had op internet en enthousiast was over mijn blog. Af en toe twitterde ze wervend rond dat ik zo mooi schreef over mijn ‘dodelijke kanker’. Ik twitterde terug dat die (prostaat)kanker weliswaar riskant, maar niet per se dodelijk was. Kennelijk vond ze van wel. En nu wist ze zelfs dat ik inmiddels was overleden, ‘veel te jong!’

Toen ik een beetje van mijn verbazing was bekomen, vroeg ik haar via een privétweet om opheldering, maar een antwoord bleef uit. Dus verzeker ik op deze plaats maar dat de geruchten over mijn dood sterk zijn overdreven, zoals Mark Twain ooit zei, toen die net zoiets had meegemaakt.

Blijkens haar profiel op Twitter heeft Nan Luursema zich naast de journalistiek bekwaamd in astrologie. Dus misschien beschikt ze over geheime informatie uit de sterrenwereld en zag ze me wel degelijk aan gene zijde verkeren toen ik zelf dacht naar Uruguai-Engeland (2-1) te kijken. In elk geval kan ik nu melden dat mijn eventuele dood gelukkig maar kort duurde en dat ik weer volop leef, en met genoegen. En nu maar hopen dat men me gelooft.

Foto: Flickr (tom)


donderdag 19 juni 2014

Hemel en hel: schouwspel WK


Voetbal doet me doorgaans niet veel, maar deze weken van het WK in Brazilië zit ik toch heel wat uren naar de uitgezonden wedstrijden te kijken. Het spel, spannender naarmate er een groter belang in het geding is, pakt meer dan gewoonlijk. En wat me misschien nog wel meer boeit, is die hele dampkring van betekenissen, symbolen, aspiraties en heftige gevoelens, die boven de stadions tot wasdom komt.

Valt er een belangrijk doelpunt, dan zoekt de televisieregisseur naar een beeld dat de emotionele polen van zo’n moment samenbrengt: het gejubel bij de scorende partij naast de ontgoocheling bij de tegenstanders. De ogenblikken van verlies en winst die iedereen dagelijks beleeft, zwellen bij het WK op tot existentiële proporties: het gaat om alles of niets, om kraaiende victorie of smadelijke nederlaag, de hemel of de hel. Gewone stervelingen hebben wel eens mazzel of pech, maar dat zijn emotionele rimpelingen vergeleken met de extase of juist de jankende zielenpijn die sporters kan bevangen. Niet alleen voetballers. Een weekend waarin de Nederlandse hockeydames uitgelaten rond de wereldbeker dansen terwijl hun mannelijke collega’s kapot zijn van teleurstelling omdat ze naast hun cup grepen: het is hartverscheurend.

Ook de prestaties kunnen bij zo’n WK tot heroïsche hoogten stijgen. Er vallen doelpunten, bezongen als ‘van bovenaardse schoonheid’. Een aanvaller maakt een sprint met een snelheid die niet eerder werd genoteerd. Teams komen terug van een achterstand, stijgen boven zichzelf uit en overklassen een regerende wereldkampioen. Outsiders veranderen soms in kanshebbers. Spelers die hun brood verdienen bij weinig aanzienlijke clubs kunnen uitgroeien tot nieuwe vedettes.

En dan al die rituelen. Het lijkt wel of dit toernooi alleen toegankelijk is voor voetballers wier bovenlichamen minstens voor de helft zijn getatoeëerd met mystieke taferelen en Gotische letters. Dat geeft het spel de sfeer van een stammenstrijd van beschilderde krijgers, een effect dat wordt versterkt door kaalkoppen, hanenkammen en kuiven vol machismo. Ook de tribunes doen mee, met supporters die hun stamkleuren op hun gezichten hebben gesmeerd en met toeters, trommels en vaandels de gunst van de goden afsmeken.


Uniek schouwspel. Nog te beleven tot en met 13 juli 2014.

Foto: Flickr (Digo Souza)