Posts tonen met het label Borek Sipek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Borek Sipek. Alle posts tonen

maandag 15 februari 2016

Dag, Bořek Šípek

Sipek in 1987.  Foto Michael Ferron
Ach, Bořek is dood, Bořek Šípek, de grote Tsjechische ontwerper. Ik ben al een fan van hem sinds ik hem in 1987 voor het eerst interviewde. Af en toe kocht ik een van zijn creaties, een paar glazen, een karaf, een zilveren bestek. Twee jaar geleden nog toog ik naar de Amsterdamse galerie Alterego, die heel wat werk van hem aan de man brengt, en keerde terug met vier elegante glazen, verfijnd van kleur, buitenissig van vorm, die nog elke keer dat ik er naar kijk mijn gemoed een kontje geven. En nu is hij dood, 66 jaar pas, kanker.

Het raakt me dieper dan ik dacht. Ik bewaar warme herinneringen aan de keren dat ik hem ontmoette, in Amsterdam, Heerlen, Praag, en me laafde aan zijn verhalen vol liefde voor het leven, de kunst, de levenskunst en de filosofie. Die verhalen spreken ook uit zijn oeuvre. Ik werd in ’87 meteen verliefd op een van zijn eerste ontwerpen, een teder stoeltje, Bambi gedoopt, een mengeling van messing, zijde, esdoornhout en emoties. Toen ik een jaar of wat later overwoog het aan te schaffen, bleek het al een collector’s item en onbetaalbaar. Ik heb het even kunnen strelen, verder ging onze liefdesgeschiedenis niet.

Maar er kwamen wel een paar kleine Šípeks in huis om op hun beurt mijn zinnen te strelen. Bijvoorbeeld voetloze partyglazen waarin de steel is doorgeschoten: je kunt ze niet wegzetten en moet ze aandachtig gebruiken want anders krijg je de steel in je neus. “Erotische glazen,” lichtte hij toe. “Ik wil dat mensen niet met hun handen van mijn producten af kunnen blijven.”

Laat ik mezelf ook nog citeren: “Hij wil samenvoegen,” schreef ik eens, “wat in zijn opinie niet zonder elkaar kan: nut en waarde, toen en nu, doel en gevoel, functie en gebruik, vorm en inhoud, waarheid en illusie. De vraag of een voorwerp handig is en aardig oogt, is hem te beperkt. Het kan zoveel méér, het kan sprookjes vertellen en harten beroeren en het verleden aan het heden knopen. De kracht van een object, aldus Šípek, schuilt minder in wat je ziet dan in wat je voelt.”

Vanavond vullen we zijn eigen glazen en klinken we op hem. Dag, Bořek, na zdraví.


dinsdag 7 januari 2014

Bořek Šípek: waarheid en illusie in glas


Het is verstandig, van tijd tot tijd aardig te zijn voor jezelf. Al dat geploeter, dag in, dag uit, het gedoe, het gehannes, de muizenissen, de ditjes en datjes – daar mag wel eens wat tegenover staan.

Geen idee hoe ik erop kwam, maar ineens had ik zin in een nieuwe Sípek. Bořek Šípek, moet u weten, is een Tsjechische architect en ontwerper van wie ik al heel lang fan ben. Het begon met een interview voor weekblad De Tijd, achter in de jaren tachtig. Hij was toen nog niet erg bekend, maar had al een wondermooi stoeltje op zijn naam gebracht, Bambi, dat ik al eerder op deze plek heb bezongen. Ook had hij al het nodige glaswerk ontworpen. Het sprak me zo aan, dat ik in de loop der jaren een kleine reeks glazen voorwerpen van zijn hand aanschafte.

Het werd tijd voor een nieuwe toevoeging en dus togen we naar galerie Alterego in Amsterdam, om terug te keren met vier glazen, ambachtelijk vervaardigd in zijn Tsjechische glasblazerij, elegant, vrolijk, geraffineerd van kleur en buitenissig van vorm. We zetten ze bij de andere Sípeks en kregen er prompt een prachthumeur van, dat die hele avond aanhield en de volgende ochtend terugkwam.

Sípek ziet zijn designproducten niet als dode dingen, maar als levende onderdelen van de menselijke omgeving, voorwerpen met rituele waarden, mythische waarden, geladen met herinneringen en betekenissen. Hij ziet zijn design als ganzheitlich, schreef ik ooit. ´Hij wil samenvoegen wat in zijn opinie niet zonder elkaar kan: nut en waarde, toen en nu, doel en gevoel, functie en gebruik, vorm en inhoud, waarheid en illusie. De vraag of een voorwerp handig is en aardig oogt, is hem te beperkt. Het kan zoveel méér, het kan sprookjes vertellen en harten beroeren en het verleden aan het heden knopen. De kracht van een object, aldus Sípek, schuilt minder in wat je ziet dan in wat je voelt.´


Ik lees die woorden terug, denk aan de diverse ontmoetingen met de maestro in Amsterdam en Praag, kijk naar zijn glaswerk in ons huis en voel me, zoals ze in Brabant zeggen, ´ne contente mens.

zondag 10 maart 2013

Afscheid van Bambi




Op zoek naar iets heel anders stuit ik ineens op een foto, verdwaald tussen vergeelde knipsels en rekeningen van hotels waar ik ooit een mooie avond beleefde.

Het is een foto van Bambi, het topstoeltje van ontwerper Borek Sipek. Ach, Bambi... Toen ik haar voor het eerst zag in het atelier van Sipek was het meteen raak. Een vertederend schepsel van esdoorhout, staal, messing en blauwe zijde, met gekromde pootjes en een leuning die de gebruiker leek te willen omarmen. Sipek vertelde dat hij het stoeltje had bedacht op een verliefd en dronken moment, en dat het een hommage was aan een danseres.

Ze stak haar armen naar me uit, deze frèle schoonheid, en ik huiverde en op dat moment besliste ik dat ze ooit de mijne zou zijn. Maar daar kwam 3500 gulden aan te pas en die had ik niet. Ik besloot te sparen. Na jaren, het spaarpotje raakte al aardig gevuld, hoorde ik dat het stoeltje – uitgebracht in een gelimiteerde oplage – een collector’s item was geworden en inmiddels 45000 gulden moest kosten. De hemel verduisterde.  

Weer jaren later stond ik ineens oog in oog met Bambi, in een Amsterdamse galerie. Toen even niemand oplette, heb ik haar zijden rug met één vinger gestreeld, een laatste keer. En nu stuit ik ineens op die foto en trilt de hele kleine liefdesgeschiedenis tussen een man en een stoeltje nog even na.