dinsdag 10 mei 2016

Ge wit oit noit nie

Gisteren hoorde ik het weer eens iemand zeggen: ‘Ge wit oit noit nie’, de Eindhovense variant op de levenswijsheid ‘Je weet maar nooit’. Het was naar aanleiding van de miraculeuze ontknoping van de voetbalcompetitie, die PSV onverwacht landskampioen maakte.

Je weet maar nooit – ik vind het een mooi, klein inzicht, een flintertje wijsbegeerte, ontleend aan het leven van alle dag, zoals dat wel voor meer spreuken en gezegdes geldt. Iedereen heeft wel eens ervaren hoe grillig het bestaan kan uitpakken. Verwachtingen en voorspellingen gaan uit van lineaire ontwikkelingen, maar daar houdt de werkelijkheid zich lang niet altijd aan: die maakt van tijd tot tijd de vreemdste curves. De wedstrijd die een eitje leek, gaat toch verloren. Een dertiger krijgt een fatale hartaanval. Een langdurig huwelijk strandt doordat een van de partners in de ban raakt van een amour fou.

We weten het. We weten met John Lennon dat leven is wat ons overkomt terwijl we bezig waren met andere plannen. We weten met de voetbaltrainer dat de bal rond is. We weten zelfs dat we niet weten hoe een koe een haas vangt. Maar een besef hebben is nog iets anders dan ernaar te leven. Het zou veel frustraties en verdriet voorkomen als we er werkelijk mee hielden dat de zaken onverhoeds ook anders kunnen uitpakken dan we denken. Als we ook het onverwachte verwachten.

Ik geloof eigenlijk dat zo’n geesteshouding de meeste mensen niet gegeven is. Schijnzekerheid is toch comfortabeler dan de notie dat alles onzeker is. Dus rekent iedereen erop dat een gedoodverfde winnaar inderdaad wint. De ontgoocheling is immens als het tegenovergestelde gebeurt, maar daar staat tegenover dat de verrukking in het kamp van de gedoodverfde verliezer die alsnog wint óók immens is. Zie de krantenfoto’s van gisteren uit de kampen van Ajax en PSV. Ik raakte niet uitgekeken op de contrasten en de intensiteit. Laaiende vreugde bij onverhoopte voorspoed spreekt net als uitslaand leed om onvoorziene pech méér tot de verbeelding dan de serene glimlach van de wijze die weet dat het leven zowel een lach als een traan in petto heeft, ge wit oit noit nie. Gevoel versus verstand, zogezegd. Uitslag: gelijkspel.

zondag 8 mei 2016

Zomerzondag in het park

Een zomerzondag in mei. Het weer in topvorm, de hemel wow-blauw, een zwoele zuidenwind, zonlicht dat door het nog prille lover parelt. Hier knapt zelfs de hardnekkigste somberaar nog van op.

Een zomerzondag in mei en dus raken de parken bespikkeld met groepjes mensen die hier wat komen mijmeren, keuvelen, spelen, zonnen, flaneren, flierefluiten, minnekozen. Een hondje holt dolgelukkig achter weggeworpen ballen aan. Een in gedachten verzonken grijsaard inspecteert de exotische naambordjes van reuzen uit verre wouden die hier een halve eeuw geleden als dwergboompje begonnen. Een vermoedelijke dochter duwt de rolstoel van haar vermoedelijke vader, die daar zelf amper nog een vermoeden van zal hebben, zo gehandicapt als hij is. Een scootmobilist stopt op een schaduwplek en zuigt zijn longen vol zuurstof en zijn hoofd vol animo.

Duizend paardenbloemen staan tussen duizend andere eenvoudige bermbloemen. Ze behoren niet tot de florale adel, daarvoor zijn ze veel te talrijk, maar ze kleuren wel verkwikkend geel, wit en blauw. Het oogt ook heel enthousiast, zoals ze met z’n allen de kop opsteken, elk voorjaar weer, gratis en voor niks en zonder dat iemand erom hoeft te vragen.


Op deze vroege zomerdag kleuren de bezoekers het park verder in met hun fleurige kleren en de doeken die ze uitspreiden en de bekers en de flessen en het fruit en de zakjes brood die ze hebben meegebracht. Een verliefd jong stel. Twee stellen met vier kindjes. Een uitheemse familie uit misschien wel een oorlogsland. Zo zitten en liggen en dansen ze door elkaar heen: jong en oud, van hier of elders, arm en welgesteld, lenig en stram, uitbundig en ingetogen, mooi en minder mooi. Hier moet niets en mag van alles. In parken zijn kinderen verwekt, revoluties begonnen, complotten beraamd en hemels bestormd. Langs de parken staan de duurste huizen, over hun wandelpaden sloffen de sjofelste clochards. De liefde vindt er een passend decor. Wie verdriet voelt, vindt er troost, wie vermoeid is, rust. Een bochtig laantje, een vijver met twee zwanen, een groepje fiere bomen en een beeldhouwwerk – dat volstaat. Je kunt er op adem komen, onthaasten, onthechten, ontspannen, ontsnappen. Het park is vakantie. En nog om de hoek ook.

woensdag 4 mei 2016

Op naar de splinternieuwe 'Hemelse Dag'

Al een paar jaar draag ik op deze plek fantastische alternatieven voor Hemelvaartsdag aan. Tot dusver heeft het niet mogen baten, want morgen gaat de halve wereld gewoon weer een volkomen gedateerde christelijke feestdag vieren. Maakt niet uit, ik ben een onverbeterlijke optimist en presenteer met frisse energie een nieuw plan, nog grandiozer dan alles wat ik eerder te berde bracht: in plaats van Hemelvaartsdag vieren we voortaan eens per jaar Hemelse Dag!

De achtergrond zal duidelijk zijn. In een steeds verder seculariserende wereld weet amper iemand nog wat Hemelvaartsdag voorstelt. Het is een leeg anachronisme geworden, alleen nog interessant omdat het een vrije dag oplevert.

In lijn met het uitdijende ietsisme zouden we Hemelvaartsdag kunnen omdopen in Ergensnaartoedag, maar dat zal wel weinig bijval oogsten. Laten we er dan een ontkerstende feestdag van maken met een motto dat iedereen, gelovig of niet, aanspreekt. Bij een begrip als ‘hemels’ kan zelfs de meest geharde heiden zich wat voorstellen. Het is de overtreffende trap van fijn, lekker, mooi en plezierig. Het is hoogst comfortabel, luxueus, ongecompliceerd, erotisch en verrukkelijk. Het is een tien met een griffel van de bovenste plank in de wolken, het is rozengeur en maneschijn van hier tot ginder en ook weer terug. Het is een kruising van Luilekkerland en 1001 Nacht. Het is pure, onversneden, godvergeten zaligheid.

Daar kan niemand wat op tegen hebben, dus dat kunnen we volgend jaar invoeren. Noteert u maar: 25 mei 2017 vieren wij Hemelse Dag. De invulling staat natuurlijk eenieder vrij, maar het verdient aanbeveling er een fraaie Bourgogne bij te schenken. Als kledingcode valt te denken aan zwierig of zéér luchtig. Verder kan men laten inspireren door steekwoorden als kaviaar, zachte jazz, schemerlicht en tantra. Zelf zou ik ook hasjcake overwegen, maar dat is persoonlijk.

Ik geloof dat ik er morgen maar vast een voorschotje op neem.