Posts tonen met het label bumpersticker. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bumpersticker. Alle posts tonen

woensdag 12 oktober 2016

Kontkuskrengenland

Eigenlijk had ik een ander stukje in gedachten, een bekommerd blogje over mogelijkheden die van lieverlee verherfsten tot beperkingen, een variant op een thema dat ik wel vaker bezing, maar bij een verkeerslicht diende zich een dringender onderwerp aan: de achterruitslogan.

De achterruitslogan is net zoiets als de bumperklever. Op deze plek beschreef ik al eens mijn verbijstering over een bumper waarop de wijsheid ‘IK TANK DUS IK BEN’ stond geplakt. Dat iemand deze verbastering van Descartes’ beroemde uitspraak ‘Ik denk dus ik ben’ voor humor hield, was tot daar aan toe, maar dat deze tanker dag in dag uit dezelfde grap rondbumperde, begreep ik niet meer.

Maar nu stond er vóór me bij het verkeerslicht een heel klein, gedeukt autootje met op de achterruit twee teksten. De eerste hield het kernachtig bij ‘KISS MY ASS’, de tweede was wat wijdlopiger, maar niet minder uitgesproken: ‘WARNING: FROM ZERO TO BITCH IN 3 SECONDS.’

Met zoiets ben ik uren zoet, want ook al zijn de voorruitmotto’s niet mis te verstaan, ze roepen toch allerlei vragen op. Allereerst: waarom worden hier allemaal hoofdletters gebezigd? Zinnetjes in kapitalen beelden heftigheid uit. Acute crisis. Onverholen woede. Dreigend levensgevaar. Maar die heftigheid spreekt ook al uit de onderhavige teksten, want die maken zonneklaar dat de chauffeur, waarschijnlijk chauffeuse, schijt aan ons heeft, c.q. buitengewoon explosief van aard is. Dus de hoofdletters zijn dubbelop en werken alleen maar inflatoir, net zoals wanneer de exclamaties van zes uitroeptekens waren voorzien.

Een andere vraag is waarom iemand de behoefte voelt om tuffend door het land elke passant de vinger!!!!!! te geven. De meeste mensen willen een goede indruk op anderen maken. Ze hopen aardig gevonden worden, of slim, of succesvol. Maar deze automobiliste afficheerde zich als een grote bek in een klein autootje, een platvloerse aso met nog een kort lontje ook, en dat was toch een vreemde vorm van zelfpromotie. Wonderlijk ook dat zij in zichzelf zowel een nul als een kreng herkende en daar prat op ging. Nou, gefeliciteerd mevrouw, en een heel fijne dag nog.


Toen sprong het verkeerslicht op groen. Het boze autootje trok pruttelend op en verdween in de verte, naar kontkuskrengenland.  

donderdag 16 april 2015

Ik tank dus ik ben


Vanochtend gezien op achterbumper: sticker met de tekst ‘IK TANK DUS IK BEN’. Daar ben ik best een poosje zoet mee. Om te beginnen heeft iemand ooit bedacht dat dit een grappige woordspeling was op Descartes’ beroemde leus ‘Ik denk dus ik ben’. Vervolgens zag een of andere stickerkoning daar een handeltje in. Hij liet een hele partij olijke etiketten drukken en wist die te slijten aan een keten benzinepomphouders, vanwaar ze hun weg vonden naar onder andere de eigenaar van de achterbumper vóór me.

Nu kan ik me nog enigszins voorstellen dat iemand schaterlachend een sticker met ‘IK TANK DUS IK BEN’ koopt en op zijn bumper plakt. Maar als zo iemand elke ochtend met zijn boterhammentrommeltje naar zijn auto loopt en zijn bumper leest, gaat de lol er toch snel af, zou je denken. De vijfde ochtend hurkt hij waarschijnlijk besmuikt achter zijn auto neer en peutert de sticker los, wat nog een heel karwei is en gemakkelijk een paar nagels kost.

Zoniet echter bumpermans vóór me. Die reed gelet op de verweerde staat van de sticker al jaren rond met dat ding en leefde kennelijk in de veronderstelling dat hij zich er gunstig mee onderscheidde van automobilisten met een nietszeggende bumper. Maar wat zei onze held dan toch met zijn doordenker? Dat hij zijn identiteit, zijn ziel en zaligheid, de zin van zijn bestaan, de vervulling van zijn leven, vindt in het vullen van zijn benzinetank? Lieve hemel.

Maar misschien heb ik het mis. Ik hoop het zelfs. Wellicht was het deze bumperklever wel om een hoger streven te doen en wilde hij graag laten weten dat hij A) zijn klassiekers kent, B) dus ook graag een Descartes mag citeren en C) over een verfijnd gevoel voor humor beschikt.

Ineens heb ik het door. Ik laat ook een bumpersticker maken. De mijne gaat over Goethe. De tekst: ‘Goet hè!’