Posts tonen met het label afscheid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label afscheid. Alle posts tonen

zondag 1 september 2013

Een laatste dronk met HP/De Tijd

Het was zo’n dag die lange tijd als een punt aan de horizon stond: de afscheidsborrel ter gelegenheid van mijn vertrek bij HP/De Tijd. Ik was al gestopt met mijn werk voor het blad, maar de borrel was nog ver weg, ergens aan het einde van de zomer, als ‘iedereen’ terug was van vakantie.

Gaandeweg diende zich een tweede afscheidnemer aan. Boudewijn Geels, sinds kort hoofdredacteur naast deeltijdbaas Daan Dijksman, werd slachtoffer van de zoveelste bezuinigingsronde. Samen stuurden we een uitnodiging weg voor een laatste dronk in de Schreierstoren in Amsterdam.

Die hele augustus zomerde het dat het een aard had, de klok draaide loom haar rondjes en zo werd het vanzelf donderdag 29 augustus. Vanaf vijf uur in de namiddag stroomde het caféterras van de Schreierstoren in Amsterdam langzaam vol met (oud-)collega’s en vrienden. Menigeen had elkaar in jaren niet gezien. De een was oud geworden, de ander corpulent, het kindje van een derde bleek al een hele jongen, de vierde dronk, blowde en oreerde nog als vanouds.

Of ik het een beladen moment vond, wilden deze en gene weten. Viel wel mee, antwoordde ik, want dit was een afscheid in tien bedrijven. Hoe vaak was de redactie al niet afgeslankt? Neem die ene winteravond in 2008, toen we in een duistere kroeg in De Pijp afscheid namen van een hoofdredacteur, een adjunct en zeven andere collega’s. De weemoed nevelde dik door het dranklokaal en mensen zoenden elkaar, die elkaar nog nooit gezoend hadden. Het leek alsof er iets geknapt was.

En daar leek het deze middag in de Schreierstoren nog meer op. Nu de laatste schrijvende redacteur en de laatste fulltime hoofdredacteur het blad verlieten en de titel wat verweesd achterbleef bij een paar parttimers en freelancers, leek er ook een einde gekomen aan de periode dat het opinieblad de eredivisie van de journalistiek was. “We mogen blij zijn dat we die gouden jaren nog hebben meegemaakt,” zei Frans van Deijl in een mooie speech. “Die tijden zijn voorbij en komen niet meer terug. Matt, jouw afscheid had niet op een symbolischer tijdstip kunnen vallen.”

We hieven de glazen nog maar eens en klonken op het verleden en op elkaar en op wat de toekomst nog voor ons in petto zou hebben. En ik dacht terug aan mijn eerste glazen in de journalistiek, anno 1973, geschonken in café Scheltema, de legendarische journalistenkroeg naast Dagblad De Tijd, waar ik toentertijd stage liep en een levenslange band met die titel opliep.

Scheltema. Schreierstoren. Een hele loopbaan. Een vingerknip

donderdag 20 juni 2013

Zwanenzang




Het hing in de lucht en nu is het zo ver: ik neem afscheid als redacteur van HP/De Tijd.

Niet dat ik door een headhunter ben weggekaapt of mijn baan verlies door een reorganisatie. Nee, uiteenlopend fysiek ongerief bleek gaandeweg niet meer te verenigen met een dienstverband. Ik ben duurzaam arbeidsongeschikt bevonden.

En zo zit ik ineens mijn laatste redactionele stukje te tikken. Mijn zwanenzang, wil ik schrijven, maar dat roept meteen de vraag op hoe een zwaan eigenlijk zingt – óf een zwaan überhaupt wel kan zingen.

Vogelsites blijken onderscheid te maken tussen wilde zwanen en knobbelzwanen; de eerste soort produceert een luid nasaal, trompetterend geluid, de tweede gorgelt en blaast, maar wil ook wel eens sissen en knorren. Daar vind ik het nu de gelegenheid niet voor, noch voor getrompetter, noch voor gegorgel of geknor.

Er bestaat ook nog een Svanesang  van de Deense componist Anders Koppel, een kort muziekstuk voor altsax, harp en orkest. In een luisterfragment* klinkt een jazzbalad, die tussen lichtvoetigheid en melancholie laveert, wat beter met mijn stemming rijmt. Mijn afscheid roept een weemoed van eindigheid en herinneringen op, maar ook een lichtheid omdat er een last wegvalt die zwaar begon te drukken.

Voor een journalist bestaat er maar één actualiteit: de eb en vloed van het nieuws, of dat nu van het Binnenhof komt of uit het stadion, het museum, de poptempel of de designer shop. Bij dat getij heb ik me van Weekblad De Tijd tot HP/De Tijd en HP/de Site ook altijd thuis gevoeld. De laatste jaren echter doemde er ander nieuws voor me op, een persoonlijke actualiteit, een eb en vloed van diagnoses, kansen, gevaren en hoop, het heen en weer van het leven zelf. En langzamerhand werd die nabije wereld concreter dan de verre, vage actualiteit van de maatschappij.

Zo zijn er twee lijnen bij elkaar gekomen: ik kan het verre nieuws niet goed meer bijbenen, maar ik hoef ook niet meer zo nodig, vind genoeg inspiratie om me heen.

Ex-redacteur. Het wordt wennen. Maar vast en zeker zal ik elders** en anderszins blijven opschrijven wat me opvalt, invalt en overvalt. Dag lezer, ik tref u wel weer ergens.


** Bijvoorbeeld op http://mattdings.blogspot.nl/